Laad de video: De drone als natuurbeschermer redt levens van jong wild
http://www.over-reeen.nl/Portals/0/video/Reeen_slachtoffer_wintertijd_256.jpg Geproduceerd door: DronExpertl
Door de nieuwste ontwikkeling van DronExpert.nl kijkt een gimbal/thermische camera, speciaal ontwikkeld voor deze toepassing, van grote hoogte, om warme plekken, wild te detecteren.

17-5-2015
Afbeelding: Infrarood waarneming reekalf

Gelijktijdig met het hierna beschreven Duitse onderzoeksproject naar Warmtedetectie als wildredder, is de Zwitserse hogeschool voor Landbouw in Zolikhofen aan een onderzoeksproject begonnen. Zij maakt daarbij gebruik van de kennis en ervaringen die in Duitsland zijn opgedaan. Gezocht werd eerst naar alternatieven voor voorkomen slachtoffers onder reekalveren door maaien, om vervolgens gedurende het hele jaar onderzoek te kunnen doen. Polyethyleen flesjes bedekt met vacht bleken goed te voldoen. Vervolgens is opsporingsapparatuur ontwikkeld en onder drones geplaatst. Doormiddelvan waypoints en GPS zijn vliegpatronen ingevoerd en de percelen afgezocht. De drones vlogen daarbij op circa 50 meter hoogte. Ook hier bleek dat niet alleen de omgevingswarmte bepalend is voor het resultaat maar ook de bedekking van de 'lichamen' met het gewas. De verbetering wordt verwacht als de infraroodsensor gecombineerd wordt met een microgolfsensor. Deze meten veel water bevattende lichamen.

De drones kan in 10 minuten circa 6 hectare afzoeken. Het apparaat heeft dus een groot voordeel ten opzichte van de andere opsporingstechnieken. Het is namelijk veel sneller als de mens en de maaimachine met als gevolg dat meer oppervlakte kan worden voorbereid en de maaier niet voor de gevonden dieren hoeft te zorgen en door kan gaan met zijn werk.

Op het moment van dit schrijven, april 2012, wordt er daarom nog volop gewerkt aan deze moderne opsporingstechnieken voor reekalveren. Daarnaast lijkt de inzet van GPS bij het van Binnen naar Buiten maaien een belangrijke meerwaarde te kunnen leveren bij het efficiënt maaien van het perceel.

Desondanks is uit alle onderzoek nog steeds naar voren gekomen dat niet de opsporingstechniek maar bovenal het contact tussen boer, maaier en wildredder optimaal benut moet worden. Ten eerste om het perceel vreemd te maken voor de dieren zodat zij het niet gaan gebruiken op de dag van het maaien en ten tweede om de techniek tijdig voorhanden te hebben.

Het is het samenspel van de betrokken mensen die de dieren redt van de maaidood.

Naar artikelen uit: De Nederlandse Jager, De Jäger, Wild und Hund, Boerderij en Nieuwe Oogst

Afwegingen zijn:

  • Vrijwillig of commercieel!
  • De regels
  • Toestemming van de grondgebruiker/terreineigenaar
  • Locatie (gebied, perceel, coördinaten)
  • Datums, periode, vluchten
  • evt. aanvullende wensen wilt u foto's of film, in welke kwaliteit.

Zowel het zich bevinden op terrein van anderen, vliegen met drones, als het opsporen, bemachtigen of doden van in het wild levende dieren is aan regels gebonden. Als u dit commercieel, niet als hobby, laat doen is het vliegen met drones, gekoppeld aan strenge regels. Dat kost tijd, mogelijk weken zo niet maanden. De voorbereidingen starten daarom maanden voordat de dieren geboren worden. Reeën worden geboren tussen eind maart en eind juni. Het gras maaien waar de reeën in liggen, gebeurt vanaf tweede week mei. Begin maart is daarom een goed moment om te beginnen met de voorbereidingen.

U kunt ontheffingen om de gronden te betreden, voor deze vorm van opsporen, een zogenaamde grondgebruikersverklaring, vragen aan de grondgebruiker. Daarbij is het belangrijk te weten dat de grondgebruiker, vaak niet, de eigenaar is, maar de boer die het gewas teelt!

U kunt ontheffingen om beschermde dieren op te sporen en te verplaatsen aanvragen bij de Provincie, bij voorkeur via de plaatselijk actieve faunabeheereenheid en lokaal actieve wildbeheereenheid.

Uw piloot moet inschatten welke ontheffingen, voor zijn werk nodig zijn. U zou de piloot daarom al vroeg over de verwachtte inzet moeten informeren.

De ontheffing voor het opsporen van de beschermde dieren, het inschatten van de benodigde ontheffingen voor de piloot en de vaak korte hectische tijd waarin het redden van reekalfjes plaatsvind maakt dat wij adviseren om dit te doen voor een groter gebied bijvoorbeeld een wildbeheereenheid of fauanabeheereenheid. Door dit voor meerdere piloten te doen zorgt u dat, op het moment zelf, alle aandacht kan gaan naar het organiseren van de inzet en het opsporen van de reekalfjes met de drones.

U zou begin februari betrokken kunnen uitnodigen te raadde te gaan bij:

  • Amateurvliegers zoals 'MCH de Hoogvliegers' uit Hengelo(GLD), zij verzorgen lessen en begeleiden aanstaande piloten.
  • Meer professionele bedrijven als Dronexpert.nl hebben ervaring met perikelen rond vliegen met drones en eventueel aanvragen ontheffingen en opsporen van reekalfjes.

Afbeelding: Claas infrarood wildredder

Hoewel voorkomen beter is dan genezen kan het toch voorkomen dat dieren zich ophouden in lang gras dat gemaaid moet worden. landbouwmechanisatie en onderzoek richten zich hoofdzakelijk op het HighTech vinden van de dieren. Om zo de dramatische gevolgen te vermeiden.

In 2005 brachten Duitse jagers ook boeren en onderzoekers bij elkaar. Zo ontstond het project "Entwickelung und Erprobung eines Trägersystems mit Sensortechniken zur auffindung wildlebender Tiere beim Mähen landwirtschaftlicher Flächen - Wildretter". Onder andere de fabrikant van landbouwmachines Claas, het Duitse centrum voor lucht- en ruimtevaart en de firma ISA industriële techniek werkten samen aan een automatische wildredder. De overheid ondersteunde het project financieel. Dit project eindigde in 2011.

De projectpartners werken medio 2012 verder aan het uitwerken van de ideeën en functionele ontwerpen naar een voor de praktijk bruikbaar systeem.

Uitgangspunt is de infraroodsensor van ISA Industrie Elektronik. Deze wildredder van ISA is al enkele jaren op de markt, maar is alleen in een door mensen draagbare uitvoering verkrijgbaar. Als je ermee door het gras loopt, herkent hij via een rij van infraroodsensoren de warmte van wilde dieren en nesten in het gewas. Dat werkt tot een breedte van zes meter. In de handel zijn ook enkelvoudige infraroodsensoren. U kunt deze vergelijken met een zaklamp die de warmte van het wild detecteert en heeft daardoor ook de beperkingen van een zaklamp als beperkte rijkwijdte en beperkt zoek gebied. De bundel en de hoek van de bundel bepalen de resultaten van uw speurtocht. De ervaring leert dat het op grote schaal inzetten van deze laatste vorm van warmtedetectie van wild onpraktisch is.

Zowel voor de meervoudige als enkelvoudige infraroodsensoren geldt: Omdat het om warmtedetectie gaat, maakt zonneschijn de wildredder storingsgevoelig en daardoor op warme momenten van de dag onpraktisch. Daarnaast komt het voor dat de dieren bedekt zijn door het gewas waardoor de warmte uitstraling beperkt wordt en de dieren moeilijker te herkennen zijn. Toch worden mits 's morgens vroeg het gewas nog koel is bijna (95%) van alle dieren die zich in het te maaien gras bevinden, zo meldt Ernst Moser die het ISA-systeem al jaren gebruikt. Belangrijk is het wel te zorgen dat het gehele perceel zorgvuldig wordt afgezocht. De enorme hoeveelheid vaak in een korte tijd te maaien hooiland zorgt er voor dat er veel mensen met veel inspanning opzoek moeten met het systeem.

De projectgroep wil de ISA-wildredder verbeteren en geschikt maken voor rijdende trekkers. Om de werking te verbeteren worden naast de infraroodsensoren, afstandsmeters en gewone camera's gemonteerd. Elk van deze middelen heeft zijn eigen fouten in de waarneming. De combinatie verhoogt echter aanzienlijk de kans dieren te vinden. De sensoren en camera's hangen aan een arm naast de maaier en speuren het te maaien gras af. De redder brengt wilde dieren en nesten in kaart, eventueel via gps, zodat de trekkerchauffeur een werkgang lang de tijd heeft om actie te ondernemen. De wildredder verjaagt wild namelijk niet zelf.

De methode is kostbaar. Naast de kosten voor de techniek kost het tijd omdat bij elk alarm dat af gaat de maaimachine moet stoppen en er maatregelen moeten worden getroffen om de dieren uit het perceel te verwijderen.

Inmiddels is sinds enkele jaren een nieuwe drager voor de sensoren verschenen, de vliegende wildredder. Daarvoor worden zogenaamde mikrokopters gebruikt. Onder deze miniatuur helikopters worden de infraroodsensoren gehangen. In eerste instantie zijn de resultaten bemoedigend. Ook hier is inmiddels duidelijk geworden dat dit alleen werkt als de omgevingstemperatuur van de dieren lager is als de waar te nemen dieren. De beste resultaten worden ook hier bereikt in de vroege morgen uren.

Een wildwaarschuwingssysteem waarschuwt een mens en/of dier voor de ander bijvoorbeeld weggebruikers over de kans op een wildaanrijding. Een geavanceerd systeem detecteert en waarschuwt, volautomatisch, de weggebruikers voor wild.

Veel wilde dieren, waaronder reeën, kennen een trek langs min of meer dezelfde routes. Daar waar de kruisingen gelijkvloers zijn, met wegen van mensen zijn daarom hotspots vast te stellen waar het oversteken plaatsvind en dus wildaanrijdingen kunnen plaatsvinden. Bij een geavanceerd wildwaarschuwingssysteem worden de wilde dieren naar speciaal ingerichte faunaoversteekplaatsen geleid. Waar het overstekende wild wordt gedetecteerd, waargenomen, om volautomatisch, de automobilist te waarschuwen voor deze wilde dieren.

Om te komen tot de wilddetectie wordt, door deskundigen, de faunaoversteekplaats geïnventariseerd en vervolgens, voor de soorten, ingericht. De routes worden begrenst tot wildsluizen. In die wildsluizen worden sensoren, bewegingsmelders of warmtedetectie, geplaatst die het wild waarnemen zodra deze in de wildsluis terecht komt. Het systeem zorgt er vervolgens voor dat het systeem, volledig automatisch, de gebruikers van de weg attendeert op het naderende wild door middel van oplichtende led-signalen en een tijdelijke snelheidsverlaging naar vijftig kilometer per uur.

In Overijssel zijn zeker 40 locaties waar met enige regelmaat ongevallen met overstekend wild voorkomen. Het aantal geregistreerde dode dieren langs provinciale wegen was voor 2011, elk jaar, meer dan twee duizend stuks. Waarvan de helft met schades groter dan duizend euro. gelukkig weinig met ernstige slachtoffers onder mensen. Het gaat bij deze wildaanrijdingen om zowel kleine dieren, bijvoorbeeld egels, marters, vogels, als grote dieren zoals vossen, dassen en reeën. De systemen worden uitgevoerd door Prowild. Inmiddels heeft de provincie Overijssel jaar op jaar vijfennegentig procent minder aanrijdingen met reeën: Met nam het blijvende, opzienbarende, effect van de elektronische wildwaarschuwingssystemen maakt het systeem uniek. Nu na ruim 4 jaar durft de contactpersoon van de provincie Overijssel, Bert Dijkstra, wel te zeggen dat deze Elektronische Wildwaarschuwingssystemen, blijvend, uitermate succesvol zijn en onkosten besparend.