In verhouding tot de romp zijn de poten (lopers) sierlijk en lang. Door de sterk ontwikkelde spieren kunnen reeën verre en hoge sprongen maken. De hals is smal en de romp is gedrongen, van voren wat zwaarder dan achter. Het ree heeft geen staart. Door de lichaamsvorm is het ree uitermate geschikt om zich in dichte ondergroei en hoog gras voort te bewegen.

De lichaamsvorm van het ree varieert, afhankelijk van erfelijke aanleg en de leefomstandigheden

Met name de omstandigheden in de eerste twee jaar van hun leven. Het uiteindelijke gewicht is daarbij afhankelijk van de ontwikkeling in het eerste levensjaar tot november. Zijn de leefomstandigheden perfect dan is de ontwikkeling van het lichaam optimaal. Vervolgens groeit het ree in het tweede jaar naar de volle omvang.

Globaal kan men zeggen dat naar het oosten toe, reeën zwaarder worden. Het lichaamsgewicht van volwassen reeën varieert daarbij tussen 13 kg (1 jaar) en 25 kg (oudere dieren). Begin vorige eeuw werd bij reekalveren en aan de geweien van reebokken (Uber Rehe, A.u.J.v.Bayern) vastgesteld dat met stijgende hoogte en bij toenemende winterkou de reeën zwaarder werden. De conclusie dat hoogte en kou hier de invloed was kan inmiddels betwijfeld worden. Vermoedelijk is het de combinatie van geschikt voedsel en het eerder intreden van rust die zorgt dat het voedsel ten goede komt aan het lichaam. Bij mensen kennen we dit verschijnsel ook. Ben je groot en beweeg je weinig wordt je verhoudingsgewijs zwaarder als iemand die klein is en veel beweegt.

Metingen* aan elf verschillende populaties van C. capreolus en vergeleken met negen populaties van C. pygargus gaven als resultaat:

  Capreolus capreolus Capreolus pygargus
lengte van neus tot puntje staartbot 107-126 cm 126-144 cm
schofthoogte  66-83 cm 82-94 cm
 gewicht 22-32 kg 32-48 kg
 lengte van de schedel 18-20 cm 20-23 cm
 maximum lengte van de geweistangen 18-26 cm 28-34 cm
chromosomen 70 70 +
1-14 B-chromosomen
 leefgebied Europa tot Kaukasus gebergte Kaukasus gebergte tot Azië


* Beschrijving naar: Capreolus capreolus (1996) door Antoine J. Sempéré, Vladimir E. Sokolov en Aleksey A. Danilkin