Kijk de video: De drone als natuurbeschermer redt levens van jong wild
https://www.over-reeen.nl/portals/0/video/reekalfjes_opsporen_met_drones_420.jpg
https://www.youtube.com/watch?v=rsOpTyHXGnU
Geproduceerd door: DronExpertl
Door de nieuwste ontwikkeling van DronExpert.nl kijkt een gimbal/thermische camera, speciaal ontwikkeld voor deze toepassing, van grote hoogte, om warme plekken, wild te detecteren.

17-5-2015

Reeën zie je meestal per ongeluk. Je wandelt of rijdt ergens door het buitengebied en plots wordt je aandacht getrokken door een opvallende verschijning. Als het vervolgens je aandacht heeft ontstaat de behoefte reeën te gaan spotten en te bestuderen. Dan is het handig het dier te leren kennen. Daar helpen wij je bij en we verwachten dat je behoefte gaat krijgen aan een verrekijker. Reeën spotten doen je door in op een rustige plek in het buitengebied waar de natuur niet intensief wordt beheerd gedurende de avond- en ochtendschemering de overgangen tussen bos en weide van een afstand van meer dan honderd meter te bekijken. De dieren niet in hun leefgebied te storen en te wachten tot ze komen. Dat kan even duren maar een half uur na formele zonsondergang verwachten we succes!

Naast dit reeën zien kennen we ook andere doelen en methoden om reeën te zien zoals warmtebeeld detectie en wild camera's.

Afbeelding: Claas infrarood wildredder

Hoewel voorkomen beter is dan genezen kan het toch voorkomen dat dieren zich ophouden in lang gras dat gemaaid moet worden. Landbouwmechanisatie en onderzoek richten hebben zich hoofdzakelijk gericht op het HighTech vinden van de dieren. Om zo de dramatische gevolgen te vermeiden.

Van 2005 tot en met 2011 hebben Duitse jagers daarom boeren en onderzoekers bij elkaar gebracht en ontstond het project "Entwickelung und Erprobung eines Trägersystems mit Sensortechniken zur auffindung wildlebender Tiere beim Mähen landwirtschaftlicher Flächen - Wildretter". Onder andere de fabrikant van landbouwmachines Claas, het Duitse centrum voor lucht- en ruimtevaart en de firma ISA industriële techniek hebben daarin samengewerkt aan een automatische wildredder. De overheid heeft het project financieel gesteund.

In 2012 hebben de projectpartners de ideeën uitgewerkt naar functionele ontwerpen voor in de praktijk bruikbaar systeem. Uitgangspunt is de infraroodsensor van ISA Industrie Elektronik geweest. Die sensor was op dat moment al enkele jaren op de markt, maar tot dan alleen in een uitvoering die door mensen kon worden gedragen. Als je ermee door het gras liep herkende deze via een rij van infraroodsensoren de warmte van wilde dieren en nesten in het gewas. Dat werkte tot een breedte van zes meter. In de handel zijn ook enkelvoudige infraroodsensoren geweest. Je kunt deze vergelijken met een zaklamp die de warmte van het wild detecteert. Die hebben daardoor ook de beperkingen van een zaklamp gehad zoals de reikwijdte en het daardoor beperkte zoekgebied. De bundel en de hoek van de bundel hebben het resultaat van de speurtocht bepaalt.

Zowel voor de meervoudige als enkelvoudige infraroodsensoren is gebleken dat bij het toenemen van de temperatuur de warmtesensor overdag minder bruikbaar was. De hotspots gaan op in de reflectie van andere opgewarmde objecten zoals planten. Daarnaast komt het voor dat de dieren bedekt zijn door het gewas waardoor de warmte uitstraling beperkt wordt en de dieren alleen recht van boven te herkennen zijn. Toch is 95% van alle reekalveren die zich in het te maaien gras bevonden gevonden. Belangrijk is dat het gehele perceel zorgvuldig werd afgezocht. De enorme oppervlakte, in een korte tijd te maaien, gebied zorgde ervoor dat er veel mensen met het systeem moesten gaan zoeken.

De projectgroep heeft daarom de ISA-wildredder verbeterd en geschikt gemaakt voor rijdende trekkers. Om de werking te verbeteren zijn naast de infraroodsensoren, afstandsmeters en gewone camera's gemonteerd. Elk van deze middelen heeft zo zijn eigen fouten in de waarneming gehad. De combinatie verhoogde echter aanzienlijk de kans dieren te vinden. De sensoren en camera's hangen aan een arm naast de maaier en speuren het te maaien gras af. De redder brengt wilde dieren en nesten in kaart, eventueel via gps, zodat de trekker chauffeur een werkgang lang de tijd heeft om actie te ondernemen. De wildredder verjaagt de dieren namelijk niet zelf.

De methode is kostbaar in geld en tijd. Naast de kosten voor de techniek kost het tijd omdat bij elk alarm dat afgaat de maaimachine moet stoppen en er maatregelen moeten worden getroffen om de dieren uit het perceel te verwijderen.
 

Afbeelding: Infrarood waarneming reekalf

Gelijktijdig met het Duitse onderzoeksproject naar warmtedetectie als wildredder, is de Zwitserse hogeschool voor Landbouw in Zolikhofen aan een onderzoeksproject begonnen. Gezocht werd naar alternatieven voor het voorkomen van slachtoffers onder reekalveren door maaien en deden heel jaar onderzoek. Men bedekte lauwwarme polyethyleen flesjes met vacht als alternatief voor levende dieren. Die bleken te voldoen. Vervolgens is opsporingsapparatuur ontwikkeld en onder drones geplaatst. Doormiddel van waypoints en zijn vliegpatronen ingevoerd en de percelen met GPS in de drone afgezocht. De drones vlogen daarbij op circa vijftig meter hoogte. Ook hier bleek dat niet alleen de omgevingswarmte bepalend is voor het resultaat maar ook de bedekking van de 'lichamen' met het gewas. De verbetering werd verwacht als de infraroodsensor gecombineerd zou worden met een microgolfsensor. Deze meten veel water bevattende lichamen.

De drone kon in tien minuten circa zes hectare afzoeken. Men toonde daarmee aan dat de drone een grote voordelen had ten opzichte van de in Duistland gevonden technieken. De systematiek is namelijk veel sneller als de maaimachine met als gevolg dat meer oppervlakte kan worden voorbereid en de maaier niet voor de gevonden dieren hoeft te zorgen en dus door kan gaan met zijn werk.

Deze techniek is voor ons aanleiding geweest om dit in Nederland te promoten en zelf ervaring op te doen. Lees hierover ons speerpunt: Voorkomen slachtoffers werkzaamheden.  Inmiddels is deze techniek nog verder ontwikkeld en verfijnd. Met de modernste systemen worden veel grotere oppervlakten afgezocht, de hotspots gemarkeerd, automatisch herkent en middels een bericht aan de redders van de reekalveren doorgegeven.

Zowel het zich bevinden op terrein van anderen, vliegen met drones, als het verstoren van in het wild levende en dus beschermde dieren is aan strenge regels gebonden. We wijzen daarop omdat wij de inzet van natuurdrones promoten.

De dronevlieger dient zelf te kunnen bepalen welke ontheffingen nodig zijn voor de inzet van een drone. Daarnaast dient deze te zorgen voor ontheffingen om het luchtruim en/of de gronden te betreden. Daarnaast dienst deze hoogstwaarschijnlijk voor deze vorm van opsporen, een zogenaamde grondgebruikersverklaring, te hebben van de grondgebruiker. Waarbij het belangrijk is te weten dat de grondgebruiker, vaak niet, de eigenaar is, maar de boer die het gewas teelt!

Daarnaast heeft u mogelijk ontheffingen nodig om beschermde dieren te verplaatsen. De autoriteit om dit te verstrekken is de Provincie. Het ligt voor de hand dat dit in nauw overleg gebeurt met de lokaal actieve wildbeheereenheid en regionaal actieve faunabeheereenheid.

De ontheffing voor het opsporen van de beschermde dieren, het inschatten van de benodigde ontheffingen voor de piloot en de vaak korte hectische tijd waarin het redden van reekalfjes plaatsvindt maakt dat wij adviseren om dit te doen voor een groter gebied bijvoorbeeld een wildbeheereenheid of faunabeheereenheid. Door dit voor meerdere piloten te doen zorgt u dat, op het moment zelf, alle aandacht kan gaan naar het organiseren van de inzet en het opsporen van de reekalfjes met de drones.

Een wildwaarschuwingssysteem waarschuwt een mens en/of dier voor de ander bijvoorbeeld weggebruikers over de kans op een wildaanrijding. Een geavanceerd systeem detecteert en waarschuwt, volautomatisch, de weggebruikers voor wild.

Veel wilde dieren, waaronder reeën, kennen een trek langs min of meer dezelfde routes. Daar waar de kruisingen gelijkvloers zijn, met wegen van mensen zijn daarom hotspots vast te stellen waar het oversteken plaatsvindt en dus wildaanrijdingen kunnen plaatsvinden. Bij een geavanceerd wildwaarschuwingssysteem worden de wilde dieren naar speciaal ingerichte faunaoversteekplaatsen geleid. Waar het overstekende wild wordt gedetecteerd, waargenomen, om volautomatisch, de automobilist te waarschuwen voor deze wilde dieren.

Om te komen tot de wilddetectie wordt, door deskundigen, de faunaoversteekplaats geïnventariseerd en vervolgens, voor de soorten, ingericht. De routes worden begrensd tot wildsluizen. In die wildsluizen worden sensoren, bewegingsmelders of warmtedetectie, geplaatst die het wild waarnemen zodra deze in de wildsluis terecht komt. Het systeem zorgt er vervolgens voor dat het systeem, volledig automatisch, de gebruikers van de weg attendeert op het naderende wild door middel van oplichtende led-signalen en een tijdelijke snelheidsverlaging naar vijftig kilometer per uur.

In Overijssel zijn zeker 40 locaties waar met enige regelmaat ongevallen met overstekend wild voorkomen. Het aantal geregistreerde dode dieren langs provinciale wegen was voor 2011, elk jaar, meer dan twee duizend stuks. Waarvan de helft met schades groter dan duizend euro. Gelukkig weinig met ernstige slachtoffers onder mensen. Het gaat bij deze wildaanrijdingen om zowel kleine dieren, bijvoorbeeld egels, marters, vogels, als grote dieren zoals vossen, dassen en reeën. De systemen worden uitgevoerd door Prowild. Inmiddels heeft de provincie Overijssel jaar op jaar vijfennegentig procent minder aanrijdingen met reeën: Met nam het blijvende, opzienbarende, effect van de elektronische wildwaarschuwingssystemen maakt het systeem uniek. Nu na ruim 4 jaar durft de contactpersoon van de provincie Overijssel, Bert Dijkstra, wel te zeggen dat deze Elektronische Wildwaarschuwingssystemen, blijvend, uitermate succesvol zijn en onkosten besparend.


www.over-reeen.nl
0575-556717
Prins Clauslaan 6
7251 AS te Vorden, Nederland

ContactTwitterFacebook
KvK-nr: 58588892

Logo - Kenniscentrum Reeën

Deel

Jij kunt ons helpen
bijv. door een bijdrage op
Bank: NL88 RBRB 0706 6041 64
t.n.v. Kenniscentrum Reeën te Vorden

Cookies instellen