Laad de video: Elektronisch voor wild waarschuwen? Het werkt!
http://www.over-reeen.nl/portals/0/afbeeldingen/beleven_beheren/verkeer/elektronisch_wildwaarschuwingssysteem_marc.jpg
Geproduceerd door: RTV Oost
2016

Verbindingszones zijn plaatsen en stroken in het landschap waar uitwisseling van dieren en mensen van het ene gebied naar het andere plaatsvind. Dit uitwisselen biedt kansen en risico's en bedreigingen voor het ree. Zo kan het ree nieuwe leefgebieden in gebruik nemen maar ook in aanraking komen met gevaren. Denk hierbij maar eens aan het verkeer dat de uitwisselplaatsen van reeën doorkruist met als risico ongevallen.

Afbeelding: Reeën in ons dichtbebouwde landschap

Niet de verbindingszone zoals bijvoorbeeld de weg veroorzaakt de ongevallen maar de verkeersdichtheid. Elke afstand tussen de voertuigen vormt voor de dieren een doorgang, passage, in de stroom voertuigen.

Op een soortgelijke manier kan ook gekeken worden naar andere hindernissen die een barrière vormen voor reeën. Bijvoorbeeld is beschoeiing onneembaar als deze te hoog is ten opzichte van het waterpeil. Als gezorgd wordt voor plaatsen waar de kering voor dieren te nemen zijn, sterven minder dieren een verdrinkingsdood en ontstaat een corridor naar de overkant. Daarbij is ook de waterbodemhoogte ten opzichte van het wateroppervlak van invloed.

Er zijn nog grotere, complexe, obstakels voor reeën. Denk bijvoorbeeld maar eens aan bebouwde kommen, industrie en intensief gebruik van de leefomgeving van de vrij in Nederland levende reeën. Het zijn met name de ketens van min of meer rustige gebieden die voor het ree corridors zijn en het dier in staat stellen deze ree onvriendelijke omgevingen te passeren. Dat gaat niet zonder grote verliezen.

Het is de mens die voor de reeën faunapassages in de verbindingszones kan scheppen zodat het ree niet beperkt wordt in het leven en zich dus kan handhaven. Bij het maken van faunapassages kun je denken aan groenstroken, tunnels, ecoducten maar ook aan faunauittredeplaatsen, wildreflectoren, verkeersborden, dwangwissels of bijvoorbeeld afsluiten van wegen voor doorgaand verkeer en aanpassen tijden voor onderhoud aan gebieden waar de reeën rusten. Kortom de mens kan corridors inrichten om barrières voor reeën weg te nemen.

De overheid heeft dit ook ingezien en heeft daarom het Meerjarenprogramma Ontsnippering (MJPO) opgezet. Het MJPO is een samenwerkingsverband van verschillende overheden. Het MJPO neemt bijvoorbeeld 'ontstnipper maatregelen': het verbinden van twee gebieden; aan weerszijden van een rijksweg door een brug of een tunnel voor dieren. Dit zijn faunavoorzieningen die op de diersoort zijn afgestemd. Voorbeelden van faunavoorzieningen zijn ecoducten, faunapassages, fauna uittredeplaatsen en dassentunnels. Zo wordt het leefgebied van reeën, andere dieren en planten groter.

Wildwaarschuwingssystemen waarschuwen mens en/of dier voor de ander. Wildspiegels, virtuele rasters en echte rasters beperken de wilde dieren min of meer in hun vrijheid. Wildwaarschuwingssystemen informeren weggebruikers over de kans op een wildaanrijding en hoed dan te handelen. De laatste heeft gezien vanuit natuurbescherming en beheer van de leefomgeving van het ree onze voorkeur.

Wildwaarschuwingssysteem
Een wildwaarschuwingssysteem waarschuwt mensen voor de aanwezigheid van wild en de kans op een wildaanrijding. Een eenvoudig wildwaarschuwingssysteem kan zijn dat mensen geïnformeerd worden over het aanwezig zijn van wild en het voorkomen van een wildaanrijding, bijvoorbeeld via Social Media, papier, informatie- en/of verkeersborden bij bezoek van een wildrijke omgeving. Meer geavanceerd is het gecontroleerd laten oversteken van de dieren op een faunaoversteekplaats, door weggebruikers te attenderen op het naderende wild en een tijdelijke snelheidsverlaging te adviseren.

Veel wilde dieren, waaronder reeën, kennen een trek langs min of meer dezelfde routes, gedurende het hele jaar. Op de wegen zijn daarom hotspots vast te stellen waar het oversteken plaatsvind en dus wildaanrijdingen kunnen plaatsvinden. Bij een geavanceerd wildwaarschuwingssysteem worden de wilde dieren naar speciaal ingerichte faunaoversteekplaatsen geleid. Waar de overstekende dieren worden waargenomen om, volautomatisch, de automobilist te waarschuwen voor het overstekende wild.

Bij de voorbereidingen voor een elektronisch wildwaarschuwingssysteem wordt, door deskundigen, de faunaoversteekplaats geïnventariseerd en vervolgens, voor de soorten, ingericht. De routes worden daarbij begrenst tot wildsluizen. In die wildsluizen worden bewegingsmelders geplaatst die het wild waarnemen zodra deze in de wildsluis terecht komt en laat de dieren vervolgens gecontroleerd oversteken. Gecontroleerd betekent dat het systeem volledig automatisch de gebruikers van de weg attendeert op het naderende wild door middel van oplichtende led-signalen en een tijdelijke snelheidsverlaging naar 50 kilometer per uur in stelt.

In Overijssel zijn zeker 40 locaties waar met enige regelmaat ongevallen met overstekend wild voorkomen. Het aantal geregistreerde dode dieren langs provinciale wegen was voor 2011, elk jaar, meer dan twee duizend stuks. Waarvan de helft met schades groter dan duizend euro. Het gaat bij deze wildaanrijdingen om zowel kleine dieren, bijvoorbeeld egels, marters, vogels, als grote dieren zoals vossen, dassen en reeën. Overijssel maakt sinds najaar 2011 ook gebruik van het, toen nieuwe, elektronisch wildwaarschuwingssysteem. Het systeem is uitgevoerd door Prowild. Hoewel van te voren niet zeker was of het systeem wel zou werken, trok de provincie er veel geld voor uit: gemiddeld drie ton per wegvak. Inmiddels heeft de provincie Overijssel jaar op jaar vijfennegentig procent minder aanrijdingen met reeën: Met nam het blijvende, opzienbarende, effect van de elektronische wildwaarschuwingssystemen maakt het systeem uniek. Nu na ruim 4 jaar durft de contactpersoon van de provincie Overijssel, Bert Dijkstra, wel te zeggen dat deze, dynamische, wildwaarschuwingssystemen, blijvend, uitermate succesvol zijn en onkosten besparen.

De provincie Overijssel neemt tegenwoordig maatregelen zoals het beperken van begroeiing in de bermen, plaatsen van waarschuwingsborden en wildreflectoren. Bovendien plaatst zij en beheerd zij op de hotspots een elektronisch wildwaarschuwingssysteem. Op de hotspots doen zich namelijk substantieel meer ongevallen voor en is er ook sprake van overstekende grote dieren. De provincie Overijssel neemt deze maatregelen om het menselijk en dierlijk leed en de daarmee gepaard gaande kosten drastisch te verminderen. Hiermee is de provincie Overijssel een voorbeeld voor anderen.

Afbeelding: Bord Elektronisch WildWaarschuwingssysteem

Overijssel heeft het 'Elektronische wildwaarschuwingssysteem' in gebruik. Met infrarood vlakdetectie en laser lijndetectie worden dieren gesignaleerd en automobilisten worden automatisch gewaarschuwd met signaalgevers langs de weg. Deze signaalgevers bestaan uit matrixborden met daarop het bord van het overstekend hert (J27) en een bord met een snelheidsverlaging naar 50 km per uur. In de hoeken van het matrixbord knipper en alternerende lichten.

In Overijssel zijn ongeveer 40 locaties waar met enige regelmaat ongevallen met overstekend wild voorkomen.

Het aantal geregistreerde dode dieren langs provinciale wegen bedraagt meer dan 2.000 stuks per jaar. Het betreffen hier aanrijdingen met zowel klein wild (egels, marters, vogels) als groot wild (vossen, dassen, reeën). De provincie Overijssel neemt maatregelen zoals het plaatsen van reflectoren of wildmolentjes aan de bermpalen en het plaatsen van waarschuwingsborden.

Drie locaties in Overijssel springen er uit, hier deden zich substantieel meer ongevallen voor.

Op deze hotspots was er ook sprake van overstekende reeën en dassen. Inmiddels heeft de provincie Overijssel hier elektronische wildwaarschuwingssystemen geplaatst om de verkeersveiligheid te verbeteren. In december 2011 is officieel het eerste elektronisch wildwaarschuwingssysteem geopend langs de N757 Wijthmen-Dalfsen t.h.v. Landgoed Horte. Inmiddels zijn ook wildwaarschuwingssystemen geplaatst langs de N346 bij Diepenheim en langs de N337 bij Windesheim. Op alle drie de locaties is het aantal wildaanrijdingen met meer dan 90% gereduceerd in de jaren na de aanleg van het systeem.

Het elektronisch wildwaarschuwingssysteem wordt met een contract door de leverancier onderhouden. De rayonbeheerders van de provincie samen met de wildbeheereenheden houden toezicht op de werking van het systeem. Bij storing wordt dit door de wildbeheereenheid gemeld aan de onderhoudsmonteur. Op de grond van landgoedeigenaren is zakelijkrecht gevestigd om het elektronisch wildwaarschuwingssysteem, de wildrasters en wildroosters jaarlijks te kunnen onderhouden.

Reeën kennen een natuurlijke trek gedurende het gehele jaar. De oversteekbewegingen vinden dan geconcentreerd plaats. Maatregelen kunnen worden geconcentreerd op die locatie. Infraroodsensoren detecteren in een vlak, genaamd "een wildsluis", zodra wild er loopt. Het elektronisch wildwaarschuwingssysteem laat de dieren vervolgens gecontroleerd oversteken en attendeert de automobilist met dynamische wildsignalering. Uit onderzoek (Geloofwaardigheid van wildsignalering, januari 2011 door S. Mulder & T. Stantchev) van studenten Verkeerskunde Hogeschool Windesheim is gebleken dat de statische wildsignalering, het bestaande bord met het overstekend hert J27, niet meer het rijgedrag van de automobilist verandert. Echter dynamische wildsignalering verandert wel het rijgedrag van de automobilist op het moment de matrixborden oplichten.

De resultaten van een proef in Duitsland met dynamische wildsignalering zijn veel belovend. De opgebouwde kennis en ervaring in Duitsland zijn toegepast in het technisch ontwerp van de wildwaarschuwingssystemen in Overijssel. In een vergelijkbare situatie was het aantal ongevallen met 80% verminderd. Ook uit Zwitserland en Oostenrijk worden positieve resultaten gemeld.

Een wildraster inclusief wildrooster wordt toegepast ter beperking van de leefgebieden van wilde dieren of geleiden dieren naar faunaoversteekplaatsen of ecoducten. Zij beschermen tegen aanrijdingen met, of schade door, wilde dieren. Het raster moet hoog genoeg zijn om te voorkomen dat de doelsoorten over het raster heen springen. De onderste gaas mat is van, gepuntlast, gaas en kan een sterke diersoort als de das tegenhouden. Dit gaas is ingegraven en horizontaal omgezet waardoor ondergraving wordt tegengegaan. De materialen die hiervoor worden toegepast zijn houten palen, klein wild gaas en licht ursusgaas. Als afmetingen wordt een rasterhoogte 180 cm met palen 300 x 10/12 cm, hart op hart afstand 4,00 m toegepast. Het onder gaas bestaat uit klein wild gaas, met een hoogte 150 cm, gemaakt uit een zink-aluminium draad afmeting liggende maas met krimp. Het boven gaas bestaat uit licht ursus met een hoogte van 80 cm.

Wegbeheerders nemen verkeersmaatregelen langs wegen met veel of levensbedreigende wildaanrijdingen. Maar:
Resultaten uit het verleden bieden geen garantie voor de toekomst

Het zien van verkeersmaatregelen tegen wildaanrijdingen is een signaal dat ter plaatse wildaanrijdingen plaatsvinden. Deze waarschuwingen kan de bestuurder en het dier beter niet negeren. Het is, steeds opnieuw bevestigd, een aanwijzing voor een gevaarlijke situatie.

Gewenning
Bij bijna alle vormen van verkeersmaatregelen tegen wildaanrijdingen ontstaat er na enkele seizoenen een averechts effect. De dichtheid neemt in alle gevallen toe waardoor er een 'migratie druk' ontstaat die leidt tot een fauna-oversteekplaats. Andersom komt dit ook voor bij mensen die, daar waar wordt gewaarschuwd, nooit een gevaarlijke situatie hebben meegemaakt.

afbeelding: Verkeersbord wij steken zomaar over

Die hindernis c.q. waarschuwing wordt dan niet meer als barrière ervaren. Je kan de borden net zo goed weghalen. Dat noemen we gewenning. De gevaarlijke situatie van voor het aanbrengen van de verkeersmaatregel, ontstaat weer. Door de dan inmiddels verhoogde dichtheid kan er zelfs een piek ontstaan in het aantal aanrijdingen.

Het tijdelijk effect van verkeersmaatregelen is op te vangen door de verschillende varianten af te wisselen of gebruik te maken van een wildwaarschuwingssysteem.

Wildspiegels
Wildspiegels of wildreflectoren weerkaatsen of reageren op het licht van koplampen met licht en/of geluid richting de berm om een dier dat zich binnen de baan van de weerkaatste lichtbundel of het geluid bevindt te laten schrikken.

Dat gebeurt om te voorkomen dat grootte wilde dieren als reeën, wilde zwijnen en edelherten, worden aangereden. Een dier dat zich binnen de baan van de weerkaatste lichtbundel bevindt en het oplichten van de wildspiegel kan waarnemen, wordt verondersteld te blijven staan of te vluchten.

Bij de juiste afstand tussen de spiegels vormen het licht en/of geluid een bewegend scherm van dat licht en / of geluid, een virtueel hekwerk.Er zijn verschillende types wildspiegel in gebruik. De metalen spiegel, een gepolijst roestvrijstalen plaatje, weerkaatst het licht van de auto. Dieren nemen het weerkaatste licht waar als een angstaanjagende lichtflits, dit is vaak tijdelijk.
We zien ook reflectoren die, in de wind, ronddraaien als een schoepenrad. Op ieder van de bladen is aan weerskanten een reflector bevestigd. De reflectoren hebben een grote beweeglijkheid. Hetzelfde effect kan worden bereikt door het ophangen van DVD's op de juiste hoogte.

De eerste wildspiegels waren gepolijste roestvrijstalen plaatjes. Later werden deze voorzien van deuken die het koplamplicht van de auto's weerkaatsen. Later zijn hiervan kunststof varianten met reflecterend materiaal gemaakt.

De laatste ontwikkelingen zijn dat het reflecterend materiaal blauw is en dat er een geluidsignaal wordt aangezet. Die het effect van de wildspiegels versterken.

De investeringskosten voor wildspiegels ten opzichte van afrasteringen en hekken, zijn laag. Waardoor zij, tijdelijk, een effectieve veiligheidsmaatregel voor lokale wegen in wildrijke gebieden zijn.

ITEK-reflector
Creatieve mensen ontdekten dat spiegeltjes die hangend aan een draadje ronddraaiden dieren verschrikten. Zij verzonnen een hangend horizontaal molentje met reflecterend materiaal.

Op ieder van de vier bladen is aan weerskanten een reflector bevestigd. Deze reflectoren hebben een grote beweeglijkheid en aantrekkingskracht op mensen. Waardoor zij gevoelig zijn voor vandalisme.

Dynamisch wildwaarschuwingssysteem
Een dynamisch wildwaarschuwingssysteem 'voelt' de aanwezigheid van voertuigen en/of overstekende dieren. Daardoor kan deze bestuurders, opvallend, voor de aanwezigheid van overstekend wild waarschuwen, de snelheid aan te passen of niet over te steken.

Bijvoorbeeld door een bord overstekend wild en/of een bord met een snelheidsverlaging naar 50 km per uur te laten knipperen.

Virtueel raster
Het Virtuele raster met Wildstop's is een virtuele scherm dat bestaat uit op basis van gedetecteerd licht van auto's, gemaakte licht- en geluidsignalen, waardoor dieren schrikken, en stoppen waar zij mee bezig zijn.

De Wildstop is uitgevoerd met een anti-diefstalbeveiliging en een geavanceerd eigen oplaadsysteem op basis van zonne-energie. De Wildstop-eenheden zijn gebaseerd op software-gestuurde technologie en kunnen eenvoudig worden aangepast aan de plaatselijke omstandigheden. Zo kunnen zij bijvoorbeeld draadloos aan elkaar worden gekoppeld waardoor het virtuele raster wordt verlengd en de cruciale voorwaarschuwingstijd enorm word vergroot. Het wild wordt daardoor eerder gewaarschuwd voor het gevaar op de weg.

Faunatechniek
Wanneer door wegen gescheiden leefgebieden van reeën met elkaar worden verbonden, spreekt men van ontsnippering. Ontsnippering is een instrument om het kleiner worden van de bewegingsruimte voor natuur af te remmen.

De meest bekende, grote, maatregelen zijn ecoducten en faunatunnels. Inmiddels zijn vele snelwegen met behulp van ecoducten minder een barrière voor soorten zoals het ree om zich te verspreiden. Hoe effectief ecoducten zijn als smalle ecologische verbindingszones tussen leefgebieden is op een aantal locaties onderzocht.

Het gevolg is dat er meer dieren waaronder reeën migreren over snelwegen naar provinciale en gemeentelijke wegen. Hierdoor verschuiven bestaande knelpunten en ontstaan nieuwe knelpunten op en naar andere wegen in ons netwerk. Met als gevolg verkeersslachtoffers.

Vanuit de gedachte dat de verkeersstromen en de migratie en ontwikkeling van natuur min of meer dag en nacht doorgaan kunnen natuur en mens geholpen worden. Bijvoorbeeld door op de situatie afgestemd toepassen van faunatechnieken. U kunt daarbij denken aan de, inmiddels in enkele provincies beproefde dynamische faunaoversteekplaatsen; combinaties van wildgeleidende rasters, wildroosters en faunadetectie in combinatie met elektronisch wildwaarschuwingssysteem. Dergelijk systemen zijn kosteneffectief en werken dag en nacht. Zij maken het mogelijk dat bijvoorbeeld reeën op een veilige manier gelijkvloers kunnen blijven migreren in het volledige leefgebied of oversteken naar andere leefgebieden.

De dieren worden indien nodig door middel van hekwerken naar één sector, de corridor, geleid, waar ze kunnen oversteken. De lengte van deze sector kan variëren van 50 meter tot kilometers lang. In de corridor worden ze met sensoren gedetecteerd, waarna LED-matrixborden geactiveerd worden. De verkeersdeelnemers worden alleen gewaarschuwd wanneer dat nodig is.

Laad de video: Wild op faunaoversteekplaats
http://www.over-reeen.nl/portals/0/afbeeldingen/beleven_beheren/verkeer/overstekend_wild_faunaoversteekplaats.gif
Geproduceerd door: Ministeriums für Wirtschaft, Arbeit, Verkehr und Technologie des Landes Schleswig-Holstein
2016