Icoon: Stimuleer beheer van natuurbermen en -randen

Laad de video: Video: Patrijs!
https://www.over-reeen.nl/portals/0/video/Heggenbeheer_voor_perceelranden_256.jpg Geproduceerd door: Brabants Landschap
Brabants Landschap presenteert natuur dichtbij huis. 2013 was het jaar van de Patrijs.

28-10-2013

Laad de video: Video: Bescherming patrijs
https://www.over-reeen.nl/portals/0/video/Heggenbeheer_voor_perceelranden_256.jpg Geproduceerd door: Brabants Landschap
Brabants Landschap, Stichting Landschapsbeheer Zeeland, Het Zeeuwse Landschap en Vogelbescherming Nederland starten een groot grensoverschrijdend beschermingsproject Interreg-project PARTRIDGE. Met dit project willen natuurorganisaties in Engeland, Schotland, Duitsland, België en Nederland laten zien dat er op het moderne platteland nog wel degelijk toekomst is voor de patrijs.

22-11-2016

Afbeelding: Presentatie beheer in cultuurlandschap voor biodiversiteit tijden klimaatfestival: Op morgen


Wees zuinig op bermen en randen!

Erg belangrijk in winter en voorjaar, perceelranden met beschutting en voedsel, de ruigte van struweel en kruiden tot twee meter.

Zomen zorgen voor geleidelijke overgang van cultuurgrond via de zoom van kruidachtige planten, naar de mantel met heesters om te eindigen in bosrand en bos waar de boomsoorten domineren.

Afbeelding: Bewaard gebleven rand met kruiden, struiken en enkele bomen


Uit ontelbare waarnemingen in het buitengebied is veel inzicht in het gebruik van landschapselementen ontstaan. Een van de vele bevindingen is dat ruwe plekken, struweel, hoekjes met doorgegroeid gras, ruigtekruiden en bloeiende planten veel boeiender zijn als eentonige cultuurgronden van akkers en weiden. Vooral ook zo boeiend omdat ook door de dierenwereld die zich daar schuilt houdt en vermeerdert. Ook bossen zijn voor dieren eigenlijk saai. Want, hoewel in de eerste jaren vele dier- en plantensoorten profiteren van de ruimte, lucht en het licht verdwijnt die variatie in soorten en bijbehorende dynamiek al snel als de bomen met hun schaduw het bos domineert.

In de randen en open plekken van percelen is echter de dynamiek, daar is het dierenleven. Daar kan voor de fauna dan ook het afnemen van aantallen dieren en -soorten worden gestopt. Wij pleiten daarom voor biotoop verbeteren door het beheer van op dieren ingerichte en beheerde zomen met natuurmengsels van kruidachtige planten en mantels van heesters en struiken, niet zijnde hakhout!

De scherpe overgangen in ons eentonige productielandschap, worden doorbroken als we langs landbouwpercelen, groenstroken of bos, randen met voedsel en voor beschutting, accepteren en beheren. Bij voedsel kunt u in dit geval naast kruidachtige delen van planten ook denken aan nectar uit bloemen. Door de aanleg van dergelijke randen ontstaat ook een netwerk van biotopen met voor wilde dieren noodzakelijke eerste levensbehoeften. Deze vormen daardoor interessante verbindingen naar andere gebieden, zogenaamde verbindingszones. Dat zijn ook plekken waar mensen graag van genieten.

Schets: van overgang vlakte via zoom en mantel naar bos


Jaar op jaar worden daarom door boeren, boswachters, imkers, jagers en andere natuurbeschermers de randen van bos,weiland en akker beheerd waardoor wilde dieren zich kunnen handhaven. Om deze praktisch en efficiënt te realiseren zoeken zij geschikte percelen, tijd en selecties van plantenzaadmengsels. Alleen als zij die beschikbaar krijgen kan de noodzakelijke variatie in voedsel en beschutting tot stand komen.

Bovendien wordt door de aanleg van de randen, in eentonige landbouwproductiegebieden, het landschapsbeeld gebroken en ontstaan er kwaliteiten voor het leven van planten en dieren. Zo ontstaat er variatie in landschap en in diersoorten. Juist in die, met dit doel beheerde, randen en percelen voorzien natuurmengsels met aantrekkelijke soorten, in de eerste levensbehoeften van bijen, vlinders, vogels, knaagdieren en grote hoefdieren. Je kunt daarbij denken aan kruiden, granen, vlinderbloemigen, koolsoorten, grassen, enzovoorts.

Tenslotte voorkomt de aanleg en het beheer van aantrekkelijke zoomen en mantels, ver weg van de doorgaande wegen, dat de dieren onnodig langs en op de weg naar voedsel en mineralen zoeken.

Of het nu om smaakvol voedsel voor de dieren gaat, om beschutting voor de dieren of een verbindingszone naar een nieuw leefgebied, beheerde randen met daarin, weloverwogen plantensoorten, zorgen voor succes. Onze grootste inheemse wilde diersoorten zoals het ree, vindt die randen net zo interessant als de enkele centimeters grote dwergmuis die zelfs haar hangende bolvormige nest, in de aangeboden vegetatie bouwt. Daar genieten niet alleen de wilde dieren van maar zeker ook de mensen, zeker als men de dieren ziet. Een te overwegen neveneffect kan dan ook zijn om mensen op gepaste afstand naar deze variant van het natuurtheater te laten kijken en genieten.

Plannen

  • Perceelkeus voor randenbeheer
  • Gesprekken met grondgebruiker en/of eigenaar
  • Nemen van bodemmonsters voor bepalen zuurgraad en voedingstoestand

Ontwikkelen

  • Kies voor éénjarige cyclus of overjarige cyclus
  • Overweeg sinusbeheer i.v.m. voedsel voor kuikens
  • Regel ondersteuning door partners en machines
  • Maak en handhaaf bemestings- en bekalkingsadvies

Beheren

  • Bereid het perceel voor
  • Beheer de aangrenzende mantel
  • Kies het plant- en/of zaaigoed
  • Bemest doelgericht het perceel
  • Bereid de grond voor
  • Zaai en plant
  • Beheer het perceel conform beheerplan

Waar vind je land?

De leefomstandigheden voor onze wilde dieren verbeteren zou de eervolle taak van ons allemaal moeten zijn. Tot nu toe verplicht de wet de jachthouder, grondeigenaar en of grondgebruiker om een redelijke stand van het in zijn veld aanwezige wild te handhaven dan wel, bij het ontbreken daarvan, te bereiken en om schade door in zijn veld aanwezig wild te voorkomen.

Afbeelding: In mei ingezaaide locatie voor randenbeheer in bosrijk gebied


De mogelijkheden om de leefomstandigheden voor het wild te verbeteren zijn bijna eindeloos. Aan een optimaal wildbeschermingsgebied voor de kleine wilde dieren en grote wilde hoefdieren worden daarbij specifieke eisen gesteld. Deze te realiseren en daarvoor de juiste plek te vinden en veilig te stellen is zeker geen eenvoudige opgave. We willen u daarom een aantal belangrijke tips geven:

  • Verzamel adressen, kaarten en eigendomsgegevens
  • Markeer potentiële locaties en gebieden in uw omgeving. Dat kunnen zijn; heggen, singels, bosjes, taluds, kleine ruigten, drassige of schaduwrijke landbouwgrond, maaipaden, kapvlaktes, enzovoort
  • Alle locaties langs drukke straten, spoorrails of oppervlakten die het wild over doorgaande wegen lokken kunt u beter gelijk schrappen.
  • Inventariseer markt conforme prijzen om akker- of weiland te huren of pachten.
  • Wildakker of Wildweide? Welk mengsel? De analyse op basis van de catalogus uitvoeren.
  • Met alle bovenstaande informatie gaat u naar de grondgebruiker of -eigenaar. Kies daarvoor een geschikt moment, bijvoorbeeld in de wintermaanden. Belangrijke argumenten bij de onderhandelingen zijn ook het terugdringen van de wildschade en verkeersslachtoffers door afleiding en de blijvende waarde voor andere grondgebruikers van hetzelfde gebied.

Wie betaalt de huur, het onderhoud, het zaad en mogelijk zelfs de misoogst?

  • Inventariseer bij de lokale wild-, faunabeheereenheid of organisatie voor agrarisch natuurbeheer naar lokale subsidieregelingen.
  • Vraag landelijk jagers-, natuurbescherming- en landbouworganisaties naar regionale en nationale subsidieregelingen.

Maar wees voorzichtig. Dubbel subsidies ontvangen is niet toegestaan. Vraag daarom, in gebieden waar al gebruik wordt gemaakt van overheidsbijdragen, nooit extra geld aan.

Als dit tot niets leidt dan blijft niets anders over dan de biotoopverbetering zelf te betalen. Daarbij kun je de steun vragen van andere gebruikers van het gebied bijvoorbeeld recreanten, fotografen, imkers en/of jagers.

De reeën in Nederland profiteren enorm van grote variatie aan natuurlijke leefomstandigheden. Dat wordt bevorderd door beheer dat streeft naar natuurvriendelijke randen en bermen. Kenmerkend voor natuurvriendelijke randen zijn de samenstelling en hoeveelheid insecten. Die insecten stimuleren is dan ook goed voor de reeën. Dat is daarnaast goed voor het behoud van wilde planten, de bestuiving van onze voedselgewassen, ter voorkoming van plagen en als voedsel voor bijvoorbeeld (weide)vogelkuikens.

Boeren en natuurbeheerders hebben daarom samen gezocht naar maatregelen om insecten te helpen. Eén van de resultaten van die zoektocht lees je in het in 2018 verschenen rapport en brochure  'Beheermaatregelen voor insecten in graslanden in midden Friesland'. Deze hebben we voor u samengevat:

Elk insect heeft zo diens eigen plant en plantendelen nodig zoals bloemen, bladeren en afgestorven plantendelen als essentiële leefomstandigheden. Veel van de insecten leggen hun eitjes op planten. Aan planten is geen gebrek! Maar de rupsen die uit de eitjes komen hebben wel voldoende tijd nodig om te groeien, te verpoppen en te overwinteren. Voor sommige soorten duurt die volledige levenscyclus wel elf maanden, bijvoorbeeld bij het oranjetipje. Andere soorten overwinteren als vlinder. Ook die hebben een veilige plek nodig bijvoorbeeld in een ruige rand, berm of het struikgewas. Tot slot heeft een vlinder een overvloed aan bloeiende kruiden nodig als bron van voedsel in de vorm van stuifmeel en nectar.

Beheren
Onderzoek maakte het mogelijk om van een aantal beheermaatregelen in te schatten wat de effecten zijn op dagvlinders, bijen en bodembewonende insecten. De conclusie is dat gefaseerd maaien ook zonder de speciale aanleg van een bloemenrand, leidt tot een positief effect op de aantallen en variatie in soorten kruiden en insecten.

Afbeelding: Bloeiende kruidenrand in coulissen landschap Almen


Op kruidenrijke terreinen hoeft er geen mengsel ingezaaid te worden. Je begint direct met gefaseerd maaien. Voer het maaisel altijd af binnen 2-3 dagen. Gefaseerd houdt in dat tenminste 15% van het oppervlak van de rand niet gemaaid wordt. Als er wel ingezaaid gaat worden kies dan een goed mengsel met meerjarige plantensoorten maar zonder grassoorten en maak op een strook van minimaal 3 meter breed een vals zaaibed. Zaai hier het mengsel in het najaar in. In het eerste jaar na inzaai kan veelal worden volstaan met één gefaseerde maaibeurt, bij voorkeur in september.

Om het optimale resultaat te krijgen voor de dieren en gewenste planten kun je beter niet:

  • bestaande vegetatie doodspuiten voordat er ingezaaid wordt
  • ongewenste kruiden doodspuiten
  • de rand voor 100% maaien
  • het maaisel, hekkelspecie of bagger op de rand deponeren
  • de rand bemesten
  • de rand klepelen
  • de rand beweiden of na beweiden


Gefaseerd maaien
Maaien gebeurt tegenwoordig grootschalig en snel. Wil je slachtoffers van maaien voorkomen dienen verschillende maatregelen te worden genomen:

  • Maaien doorgeven aan de wildbeheerders
  • Zelf schouwen: Drones redden reeën en ...
  • Vreemdmaken
  • Van binnen naar buiten maaien
  • Snelheid beperken

Speciaal voor insecten:

  • Maaihoogte op hoger dan 10 cm instellen: Veel insecten zetten hun eitjes af onder in de vegetatie en rupsen trekken zich hier terug om te verpoppen of te overwinteren.

Gefaseerd maaien betekent dat bij elke maaibeurt ten minste 15%, (maar liever meer!) van de oppervlakte blijft staan. Daardoor zorg je ervoor dat er ook na het maaien nog nectarplanten, waardplanten en schuilplekjes aanwezig zijn. De overgang van korte naar langere vegetatie is bovendien voor de insecten van belang vanwege de beschutting en de mogelijkheid op te warmen. Het makkelijkst is het laten staan van een deel van elk perceel, maar je kunt er bijvoorbeeld ook voor kiezen stukken te laten staan waar op dat moment veel bloemen bloeien of de gewenste kruiden staan. Of te bepalen waar een extra maaibeurt nodig is bijvoorbeeld daar waar de vegetatie erg hoog wordt en gaat liggen. Hoe kronkeliger het maaipatroon en dus begrenzing hoe meer resultaat, omdat je meer variatie in de langere randlengte creëert. Het gefaseerd maaien van bijvoorbeeld slootkanten en bermen doe je door een minimaal de helft (in lengte) alleen in mei te maaien en de andere helft (in lengte) in de nazomer (september) te maaien. Al het maaisel wordt elders gecomposteerd voor hergebruik.

Plan dit gefaseerde maaien dusdanig dat het schonen van de sloot er zo min mogelijk mee in de knel komt. En probeer zo goed mogelijk rekening te houden met de ecologie van de insecten. Als algemene richtlijn kan worden aangehouden dat je het beste kunt maaien als de insecten vliegen en dus kunnen wegvliegen. Dat kunnen ze niet als het koud of nat is. Het geschikte moment is daarom later op de dag, bij zonnig weer en niet ’s nachts of als het regent!

Zaaien
Om in het eerste seizoen snel gewenste kruiden te krijgen kun je deze zaaien. Het is belangrijk een goed mengsel te kiezen. Geredeneerd vanuit natuur kun je het best werken met zaden van inheemse plantensoorten. Het beste tijdstip om te zaaien is eind september. Je zaait in het najaar omdat bij zaaien in het voorjaar de onkruiddruk en gevoeligheid voor droogte hoger is.

Maai eerst de bestaande vegetatie kort af en trek de grasmat ondiep open, bijvoorbeeld door te frezen. Bewerk niet dieper dan 10 cm en probeer zoveel mogelijk graspollen te verwijderen. Men noemt dit een “vals zaaibed”) Laat het zaaibed één á twee weken rusten en bewerk het nog een keer oppervlakkig. Daarmee voorkom je een groot percentage dominante en minder gewenste onkruiden. Zaai daarna het mengsel in. In veel gevallen is één gram per vierkante meter voldoende.

In natuurgebieden en wegbermen wordt inzaaien afgeraden. Het is daar beter om met behulp van een gefaseerd maaibeheer naar meer kruidenrijkdom te streven. Vaak is in de bodem nog zaad van allerlei planten aanwezig. Dit kan versneld worden door het maken van een vals zaaibed en een dunne laag maaisel van een vergelijkbaar maar kruidenrijkere vegetatie op de losgemaakte grond te brengen.

Door gefaseerd maaien van randen en bermen kunnen kruiden en insecten in de overblijvende vegetatie overleven. Je begrijpt dat bovenstaande beheer ook prima op een volledig perceel kan worden toegepast.

Meer informatie kun je vinden op www.vlinderstichting.nl.

Elke beheerder van landerijen kan natuur beheren binnen de bedrijfsvoering. Maar als dit negatieve invloeden heeft op de inkomsten zorgen die ervoor dat niet het beste resultaat wordt bereikt. Met name het onttrekken van de gronden aan het totale areaal te bemesten oppervlakte en het niet beschikbaar zijn van adequate adviezen voor beheer belemmeren het natuurbeheer.

Agrarisch natuurbeheer of: 'Boerenland in boerenhand' is om deze redenen tot stand gekomen. Onder andere door het, sinds 1986, promoten van natuurbeheer door particuliere eigenaren en beheerders door de Stichting Beheer Natuur en Landelijk gebied . In 1998 is door het ministerie van Landbouw Natuurbeheer en Visserij erkent dat ook particuliere eigenaren en beheerders, waaronder boeren, natuur in het landschap beheren en ontwikkelen.

Die drempel tegen natuurvriendelijk boeren in combinatie met de erkenning dat iedereen natuur kan behouden, beheren en ontwikkelen heeft er toe geleid dat in 2000, onder de naam Programma Beheer, natuurbeheer door boeren gesubsidieerd werd. Dit programma biedt boeren en landgoedeigenaren de mogelijkheid om natuur te beheren binnen de gangbare bedrijfsvoering. Natuurbeheer is hierdoor niet alleen voorbehouden aan organisaties die natuur voor ons beheren zoals Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten of Provinciale Landschappen maar aan alle beheerders van landerijen in Nederland.

In 2014 staat in de Rijks Natuurvisie:"Sinds de jaren zeventig van de vorige eeuw is agrarisch natuurbeheer onderdeel van het natuurbeleid van de rijksoverheid. Dit beheer kan een belangrijke bijdrage leveren aan het behoud van natuur- en landschapswaarden in het agrarisch gebied, zoals de instandhouding van Habitat- en Vogelrichtlijnsoorten. In het Natuurpact is de regie van het agrarisch natuurbeheer aan de provincies toegedeeld. Doordat het instrumentarium zich richtte op de kleine schaal van individuele bedrijven was het onvoldoende effectief, en duur in de uitvoering. Daarom streeft het kabinet naar een nieuw stelsel , waarin wordt gewerkt met doelen voor een groot gebied en met collectieven van agrariërs die samenwerken en kennis delen met andere betrokken partijen in zo’n gebied: natuur- en landschapsorganisaties, bewoners en bedrijven. "

Dat heeft in 2016 geresulteerd in een collectief model van agrarisch natuurbeheer en de subsidie regelingen voor agrarisch natuur en landschapsbeheer. Daarnaast biedt de overheid antwoord op de vraag wanneer kom ik in aanmerking voor subsidie voor natuurbeheer?

Beoordeel in ieder geval of uw plannen binnen één of meer van de regelingen valt!

Doneer
Stelt u dit prijs? Dan geven we u graag in overweging ons een bijdrage in de onkosten te schenken, op:
NL88 RBRB 0706 6041 64
of via

PayPal, de veilige en complete manier van online betalen.

 


www.over-reeen.nl
0575-556717
Prins Clauslaan 6
7251 AS te Vorden, Nederland

ContactTwitterFacebook
Bank: NL88 RBRB 0706 6041 64
KvK-nr: 58588892

Logo Kenniscentrum Reeën

Cookies instellen
Laad de video: Video: Heggenbeheer voor wild (Duits ingesproken)
https://www.over-reeen.nl/portals/0/video/Heggenbeheer_voor_perceelranden_256.jpg Geproduceerd door: Wildmeister (DJV)
Hoogste kwaliteit levensomstandigheden krijgen gebaseerd op ervaringen van experts. Thomas Berner vertelt, in het Duits, wat de beheerder van boerengeriefhout, singel of heg kan doen om deze aantrekkelijk te maken en houden voor wilde dieren.

8-1-2015
Laad de video: Video: De heg voor wilde dieren (Duits ingesproken)
https://www.over-reeen.nl/portals/0/video/Natuurmengsels_voor_perceelranden_256.jpg Geproduceerd door: Wildmeister (DJV)
Thomas Berner vertelt, in het Duits, welk beheer en welke zaadmengsels toegepast kunnen worden om akker- en perceelranden nog aantrekkelijker te maken voor wilde dieren. Hoogste kwaliteit levensomstandigheden gebaseerd op ervaringen van experts.

8-1-2015